Waar de Luangwa en de Zambesi samenvloeien
Saini Mweemba
Op weg van Mongu naar Lukulu
Ulengo Jazz Band
Libala Band
Michael achter de drums
Met de microfoon langs Afrikaanse paden Het muzikale liefdewerk van Michael Baird donderdag 16 april, 2020

Als drummer en bandleider is Michael Baird al jarenlang een bekende verschijning op podia voor jazz en geïmproviseerde muziek. Maar mede door zijn afkomst - als kind van Britse ouders geboren en opgegroeid in Noord-Rhodesië (tegenwoordig Zambia) - heeft hij ook een speciale band met de Afrikaanse muziek. Op zijn eigen label SWP Records verschenen al heel wat cd's met muziek die hij er zelf tijdens vele reizen opnam, naast opnamen uit het archief van een man die hem daartoe inspireerde: etnomusicoloog Hugh Tracey. Dit voorjaar verschenen bij SWP Records drie bijzondere producties: twee boxen met elk vier cd's plus boekwerk en een vinylalbum.


door Ton Maas

In de woonkamer van Michael Baird, aan een klein steegje in het centrum van Utrecht, is het op de dag van het interview passen en meten, want de voorraad van de nieuwe releases is net geleverd en blokkeert zowat de doorgang. Als we eenmaal zitten, komt het gesprek snel op gang. Mijn eerste vraag blijkt meteen een lastige, want ik ben benieuwd of Zambia - dat als 'leverancier' van Afrikaanse muziek een niet erg prominente plek inneemt op podia en festivals en in platencollecties - inderdaad zo veel rijker is dan andere landen aan tradities en stijlen als de imposante catalogus van SWP doet vermoeden.

Michael Baird: 'Da's inderdaad een lastige vraag. Ik weet het niet want ik ben niet overal geweest. En ik kán ook niet overal komen. Zo wil ik bijvoorbeeld al jarenlang opnamen maken in het oosten van Congo, bij het Nande volk. Die hebben prachtige muziek, of hadden die in elk geval. Maar ja, daar is oorlog en de regeringstroepen hebben al jaren geen soldij ontvangen. Voor een blanke is het extra moeilijk, zeker als je een microfoon en een recorder bij je hebt. Ik ben bang dat het nog lang zal duren, want wij hier in het Westen willen nu eenmaal goedkope grondstoffen voor onze smartphones en hebben er dus baat bij dat het daar een puinhoop is en blijft. Het is natuurlijk jammer dat ik er geen opnamen kan maken, maar veel triester is nog dat er vrouwen en kinderen verkracht en vermoord worden. En in een oorlogsgebied gaat ook de cultuur eraan. Mocht het er ooit weer rustig worden, dan ben ik benieuwd hoeveel er nog over is van al die rijkdom en die prachtige muziekculturen, na zoveel jaar ellende en oorlog.

Lastige gezagsdragers
'Maar oorlog is niet het enige probleem. Een laar jaar geleden kwam ik tijdens een field trip terecht in het stadje Luangwa, waar de Luangwarivier in de Zambezi uitmondt. Aan de overkant ligt Mozambique. Daar wonen ook Chikunda, van wie de muziek nog nooit door iemand is opgenomen, dus daar wilde ik graag naartoe. Maar de District Commissioner aan de Zambiaanse kant liet het niet toe. Allemaal smoesjes, maar het kwam erop neer dat ik van hem geen visum kreeg. En dat terwijl er iedere dag bootjes op en neer gaan met gedroogde vis.

Nog nooit uitgebracht
'Daardoor heb ik tot nu toe alleen in Zambia, Zimbabwe en Lesotho veldopnamen kunnen maken. Binnenkort ga ik wel naar Marokko. Ik heb namelijk wat klanken gehoord die voor zover ik weet nog door niemand zijn uitgebracht of op een goede manier opgenomen. Of neem Gabon – alleen al dat harpje dat wordt gebruikt bij de Bi-witi rituelen waarbij ze dat psychedelische wortelspul innemen. Fantastische muziek is het, met heel simpele percussie: twee stokken op een stuk hout. Geweldig!

Het financiële plaatje
'Het probleem is: het kost geld. Het is niet voor niets dat Hugh Tracey toen die in Afrika opnamen maakte – van 1929 tot 1965 – voortdurend fondsen bij elkaar moest sprokkelen. Ik doe het in m’n eentje, met een stereomicrofoon – een prachtige Japanse ‘shotgun’ van Sanken – en als recorder de fantastische Sound Devices 633, dus mijn kosten zijn wel wat lager. En ik reis niet met een heel team, want dan zou het gewoon niet te betalen zijn.

Geboren en getogen
'Mijn missie met deze nieuwe releases is om Zambia muzikaal op de kaart te zetten, want binnen het wereldje van de wereldmuziek is het vrijwel non-existent. En het toeval wil dat ik er zelf ook geboren ben, al heette het toen nog Noord-Rhodesië. Ik ben opgegroeid met fantastische muziek om me heen, elke dag weer, en vond dat  als kind volkomen normaal. Pas toen ik in Europa aankwam, zag ik de Stones, de Beatles en de Kinks voor het eerst op tv. Toen besloot ik dat ik drummer wilde worden, en niet bijvoorbeeld zanger. Vanwege dat mysterieuze drumstel met al die voetpedalen en zo. Daar snapte ik niks van. Maar getrommel en handgeklap, daar ben ik mee opgegroeid.

Ongelofelijk en toch normaal
'Dus ik wist altijd al dat Zambia vol muziek zit en dat is niet alleen daar zo. Als gezin gingen we – heel koloniaal – wel eens een lang weekend vanuit Noord-Rhodesië naar Elisabethville in Belgisch Congo, en op een zaterdagmiddag – ik was een jaar of vijf – hoorde ik daar een drumensemble uit Rwanda. Dat was gewoon iets toeristisch in die tijd, maar verdomme: de hele grond trilde! Mijn maag en al mijn organen werden gereset. Echt ongelofelijk.

Postkoloniale machtsstrijd
'De wereldmuziek als branche kan me gestolen worden. Er gebeuren hele nare dingen onder die noemer. Volksmuziek daarentegen evolueert voortdurend en neemt invloeden van buiten op. Dan is het ook gezond. Maar voor sacrale muziek, hofmuziek en ceremoniële muziek geldt: als je dat kwijt raakt, is je cultuur in zwaar weer. Zo zijn in Rwanda en Oeganda de hoven kort na de onafhankelijkheid verdwenen. Koninklijke instrumenten werden kapotgeslagen en verbrand en hofmuzikanten werden als symbolen van de macht zoveel mogelijk afgeslacht.

Het ‘goede’ werk van de missionarissen
'Als er geen hoven meer zijn, betekent dat het einde van de hofmuziek. En als de rituelen niet langer worden uitgevoerd, raakt de ceremoniële muziek in vergetelheid. En als de missionarissen zoals zo vaak hun werk heel goed doen, is er ook geen sacrale muziek meer, want die is natuurlijk van de duivel. Zo is het ook gegaan. Toen Zimbabwe nog Zuid-Rhodesië was, stond in de koloniale wet dat het bespelen van de mbira verboden was. Daar hadden de missionarissen voor gezorgd. Met de mbira werden namelijk de geesten opgeroepen. Wie betrapt werd bij zo’n mbira-sessie, werd in het gevang gegooid. En dat noemden de Britten dan ‘civilisation’.

Kaffermuziek serieus nemen
'Hugh Tracey had dan ook zijn hele leven lang ruzie met die missionarissen omdat ze het verloren gaan van cultuur op hun geweten hadden. Op zijn beurt werd hij gezien als verrader van het koloniaal systeem. ‘That man Hugh Tracey!’. Omdat hij die kaffermuziek serieus nam. Dat moest je vooral niet doen. Daar kregen die zwartjes maar praatjes van en bovendien was het toch maar iets primitiefs. Tracey stelde echter: ‘Het is helemaal niet primitief. Jullie zijn gewoon dom!’ En dan moet je weten dat hij op en top een deftige Engelsman was, zoon van een arts uit Devon.

Met het ene been
'Anders dan de meeste etnomusicologen en makers van veldopnamen noem ik mezelf geen purist. Ik ben namelijk musicus. En bovendien iemand die nog altijd een Brits paspoort heeft en in Nederland woont. Op mijn tiende werd ik naar Europa verhuisd. Daarna twee ‘tussenjaren’ in Engeland – terug in het moederland van mijn ouders – en vervolgens naar Nederland. Ik moest hier de middelbare school afmaken en Nederlands leren. Als gevolg daarvan sta ik met het ene been in Afrika en het andere in Europa. Zo voelt het, dus is het zo.

Leentjebuur of jatwerk
'Toen ik ging drummen, draaide alles om The Cream en Jimi Hendrix. Een explosie was het, plus natuurlijk dat hele hippiegedoe met aquarius, peace, love en zo meer. Zoals drugs. Maar ik deed geen drugs, want ik was erbij vanwege de muziek. Als musicus ben ik altijd op zoek naar inspiratie en naar mooie muziek, naar collega’s. Laten we van elkaar leren, of: mag ik van je lenen? Iedereen jat sowieso ideeën van anderen. Strawinsky zei ooit met zijn vette Roessische accent, gevraagd naar de invloed van volksmuziek op zijn werk: ‘A bad composer copies, a good composer steals’. Dus we jatten van elkaar.

Terug naar mijn kinder-universum
'Als dát de betekenis is van wereldmuziek, dan is het goed! Want zo hoort het en zo is het eigenlijk altijd geweest. En het zijn religies, koloniale rijken en andere machtssystemen die de mensheid verdelen. Daardoor worden arbitraire grenzen getrokken in plaats van natuurlijke, geologische - bijvoorbeeld een zee of een hoge bergketen. Terwijl we eigenlijk allemaal familie van elkaar zijn. Daarom ga ik terug naar Zambia, mijn geboorteland, want dat land roept me. Het is mijn kinder-universum. En ik zoek er naar goede muziek, muziek die míj beweegt, die me ontroert. En het kan me niet schelen of die paars, groen, zwart of rood is.

Verstedelijking en traditie
'Overal in de zogeheten ‘ontwikkelingslanden’ is sprake van grootschalige verstedelijking. En dat is per definitie slecht voor traditie. Wat óók schadelijk is voor muzikale tradities, is muziektelevisie via de satelliet. Ik noem dat het ‘MTV-syndroom’. Het is destructief voor lokale muziek. Als jonge Afrikanen eenmaal een gangsterrapvideo hebben gezien, met chicks en gouden kettingen en op en neer deinende auto’s, dan zijn ze verleid. Dan willen ze daar bij horen. En in een ongelofelijk hoog tempo wordt de oude muziek verdrongen – weggegooid eigenlijk. En de snelheid waarmee dat gebeurt, geeft aan dat het om meer dan verleiding gaat. Hét probleem van Afrika is dat de mensen er veelal niet trots zijn op hun eigen muziekcultuur. Hoe dat kan? Wel, eerst kwamen de missionarissen die de muziek van de duivel verboden. Vervolgens werd er tijdens de koloniale overheersing tegen Afrikanen gezegd dat ze dom waren en hun muziek primitief was. En in de postkoloniale tijd vonden de nieuwe leiders alles wat westers was sowieso superieur.

Verloren maar niet verdwenen
'Daarom is er ook nooit geld voor een conservatorium. In die naam zit het woord conserveren. Dat is wat wij doen met Mozart en Bach. Maar daar doen ze dat niet. Heel veel prachtige muziek is om die reden nergens meer te vinden; die is al verloren gegaan. En na het hele archief van Hugh Tracey te hebben doorgewerkt – met als resultaat een serie van 22 cd’s (Historical Recordings by Hugh Tracey) – luidt de trieste conclusie dat veel van wat hij destijds heeft opgenomen, amper vijftig jaar later al niet meer gespeeld wordt. Als ik kinderen van nu opnamen uit de jaren vijftig laat horen, kijken die op noch om, terwijl een oudje zonder tanden en half blind soms spontaan zo’n liedje begint mee te zingen. Dan schieten de tranen me in de ogen. En als ik die kids vraag: ‘Wat spelen jullie dan voor muziek?’ Dan komen ze met zelfgemaakte gitaren, meestal met vier snaren van vissnoer – heel ingenieus – en een drumstelletje van paraffineblikjes. Dus de muzikaliteit blijft doorschijnen. Van jongs af aan leert iedereen driestemmig zingen. En iedereen is autodidact, net als ik.

Falende overheid
'Het is de schoonheid van de muziek die me ter harte gaat. Je kunt erover twisten wat nou precies de oorzaak is van het feit dat er zo veel verloren gaat, maar duidelijk is in elk geval dat de overheid niet inziet dat de eigen cultuur van nationaal belang is en dat het over identiteit gaat, over nationale trots. Dan zegt men dat er geen geld voor is, maar er wordt ook geen moeite gedaan om daar iets aan te doen. En als je dan ziet hoeveel corruptie er is, wordt ook duidelijk dat dat geld er ook nooit zal komen.

Lichtpuntje in de bergen
'In 2006 reisde ik eindelijk naar Lesotho. Op opnamen van Tracey had ik namelijk de lesiba gehoord en vond die muziek prachtig. De lesiba is de enige mondboog ter wereld die wordt aangeblazen in plaats van geslagen of getokkeld. Ik had ter plekke een goed contact: Dada Moqasa, Director of National Broadcasting of the Kingdom of Lesotho. Dat ‘Kingdom in the Sky’, zoals ze het zelf noemen, is wat er nog over is van  Sotholand nadat de boeren en de trekkers het laaggelegen en vruchtbare akkerland hadden ingepikt. Uiteindelijk vroeg de koning van Lesotho de Britten om bescherming en zo ontstond het Basutoland Protectorate. Formeel was het geen kolonie, maar door Britse belastingheffing werden hele generaties mannen gedwongen om in de goud- en diamantmijnen van Zuid-Afrika te gaan werken, met als gevolg een ontwrichte samenleving waarin alleen vrouwen en oude mannen achterbleven.


Mangoanana 

Traditie versus nieuwlichterij
'Dada Moqasa haalde me op van het vliegveld. Hij bleek juist wél een conservator en iemand die enorm trots is op zijn muziekcultuur. Er waren bijvoorbeeld plannen om de openingstune van de belangrijkste nieuwsuitzending op tv te vervangen door een ziekelijk synthesizerdeuntje. Maar hij wist de koning ervan te overtuigen dat de lesiba behouden moest blijven als tune. En daarmee opent tot op de dag van vandaag het acht-uurjournaal in Lesotho. Heel uitzonderlijk, want zoiets vind je verder vrijwel nergens in Afrika.

Dankzij muziek meer melk
'Dada deed via de radio een oproep om me te helpen bij mijn zoektocht naar lesibamuziek. Ik was bang dat ik misschien wel helemaal geen lesiba meer zou vinden, maar de traditie bleek nog steeds alive and well. En niet alleen als nationaal symbool. Ook in de bergen wordt de lesiba nog altijd gebruikt door eenzame herders met hun koeien. Die spelen erop als tijdverdrijf, maar ook omdat men ervan overtuigd is dat de koeien daardoor meer melk geven.

Goede speurneus
'In de meeste gevallen ligt de traditionele muziek in Afrika echter niet voor het oprapen. Je moet echt op zoek gaan, en in alle bescheidenheid: daar ben ik goed in. Omdat ik een muzikant ben en geen academicus of hot-shot producer. En ik ben zéker geen wereldmuziekdeskundige die denkt dat hij alles heeft uitgevonden. Dus mijn houding is er een van ‘wij zijn muziekbroeders en ik ben benieuwd naar wat jullie doen’. Dan laat ik een oude opname horen en dan zegt een lesibaspeler in Lesotho: ‘We hebben tegenwoordig veel betere spelers hoor!’ Nou, die wil ik dan wel horen, en dan drinken we samen een biertje. Ik kom daar niet als een cultuur-imperialist die denkt zo’n muzikant te kunnen kopen met wat Amerikaanse dollars. En die de muzikanten precies vertelt wat ze moeten spelen en waar ze moeten staan ten opzichte van de microfoon.

Verstandhouding als voorwaarde
'Waar het om gaat, is dat je een verstandhouding met elkaar opbouwt. Volgens mij is het in de meest geavanceerde opnamestudio hier in Nederland niet anders. Een opnametechnicus moet echt een band hebben met de muzikanten met wie hij werkt, tenminste als het over echt live gespeelde muziek gaat. Dan ontwikkel je iets met elkaar en komt er iets moois uit.

Reisbenodigdheden
'In Afrika moet je om te beginnen lokaal transport regelen en dat kost geld. En je wilt de bergen in of de bush, dus je hebt het liefst een four wheel drive. Dat kost nóg iets meer geld. Je hebt een tolk nodig; in elk geval iemand die de meest gangbare taal van de regio spreekt en die bovendien een goede bushdriver is. Zelf sprak ik als dreumes Engels en Chibemba door elkaar. Maar toen ik zes was, ging ik naar de Europese school voor blanke kinderen. En toen werd me duidelijk dat Engels míjn taal was en Chibemba die van de bedienden.

Volg het spoor
'Bij het zoeken naar musici volg ik soms een spoor dat ik al had – kan iets zijn uit mijn kindertijd of uit het archief van Hugh Tracey – of ik ga op een tip die ik kreeg. Als je de tipgever vraagt iets specifieker te zijn over de locatie, wordt de afstand steevast te kort ingeschat, maar dat maakt me niet uit. Als het tegenvalt, baal je natuurlijk vanwege alle vergeefse moeite en het geld dat het heeft gekost, maar heel vaak is het juist geweldig en gaat het om muziek die je nog nooit heb gehoord. En dat kan ook heel goed muziek van nu zijn, met van die zelfgemaakte gitaartjes.

Ogen vol dollartekens
'Zo besloot ik bij een eerste bezoek aan Barotseland in 2016 om later speciaal terug te gaan naar alleen dát gebied, wat ik in 2018 ook heb gedaan. Barotseland is de regio waar de silimba (een xylofoon) wordt bespeeld. Maar in hoeverre vind je die muziek daar nog? Wordt er misschien op neergekeken? Op het platteland – een grote stad is er niet omdat de ‘floodplain’ van de Zambesi elk jaar helemaal onder water staat – is de silimba nog altijd bepalend voor de identiteit van de mensen daar. Dan vertel ik om te beginnen dat ik twee dagen eerder in een ander dorp siyemboka-muziek opgenomen had en dat die heel goed was. Dan is hun reactie: ‘Ja, maar wij zijn beter!’ Waarop ik hen uitdaag: ‘Kom op dan! Dat wil ik wel eens meemaken!’ Soms springt tijdens een rit ook iemand gewoon voor mijn auto om me aan te houden. En die weet dan precies wie ik ben en waar ik mee bezig ben. ‘Ik heb iemand voor je, hoor!’ Vaak draait dat uit op een wandeling van zes kilometer door de bush naar een oud mannetje dat nog net zijn duimpiano kan vasthouden, terwijl die muziek vrijwel overal is uitgestorven. Ik ben weliswaar geen purist, maar als je bedenkt wat er voor de traditie in de plaats komt…: afschuwelijke, computergestuurde shit! Met dank aan GarageBand software en al die waardeloze samples uit een goedkope drum soundbank. Het heeft geen eigen identiteit. Derderangs hip hop, of kwaito waaraan ik niet kan horen dat die uit Zambia komt. Treurige muziek is het. Maar net als Donald Duck hebben ze dollartekens in hun ogen. En dan zeggen ze: ‘Oh, you are a producer!’ Denken dat ik miljonair ben en hen helemaal ga máken. Maar dan zeg ik: ‘Sorry, but I don’t like this. This is not the music I’m looking for, man.’ En daar begrijpen ze dan niks van. ‘We zijn toch helemaal hip?!’


Lipepo Katimulozi is een voorbeeld van siyemboka muziek


‘Het nieuwste van het nieuwste’
'In de wereldmuziekbranche heeft men het graag over globalisering: ‘Het is de toekomst!’ Maar in het veld ondervind ik maar al te vaak dat het juist een verarming is. Het is een leugen. Een tijdje geleden werd hier in Nederland een groep uit Angola gepresenteerd – de heren woonden inmiddels al lang in Portugal – die met goedkope software iets van beats aan hun muziek hadden toegevoegd. Niet eens het slechtste in zijn soort, maar volgens de journalist die beweerde de ontdekker ervan te zijn, was dit ‘het nieuwste van het nieuwste!’ Ik denk dan: je bent een boef en ook nog een narcist. Want dit is drie keer niks? De volgende keer is het ska uit Cuba, die ‘helemaal fantastisch!’ zou zijn. Nou, ik hoor liever ska uit Jamaica. En waarom het dan bijzonder is? Omdat er een cowbell bij zit - een Cubaans tintje.

Postkoloniale reactie
'Ik zal maar gelijk opbiechten dat ik zelf ook voor het eerst iets achteraf heb toegevoegd aan een opname. Op een paar tracks van de nieuwe lp heb ik als percussionist iets ingespeeld. Dus dat is wel een beetje fake. Maar voor de rest is het puur en precies zoals ik het gevonden heb. Gewoon naturel. Ik zal ook nooit de zaak zo organiseren dat er qua stereobeeld een beter plaatje ontstaat. Ingrijpen doe ik liever niet, want dan krijg je al gauw een soort zelfcensuur. Dan houden de muzikanten zich in omdat ze denken dat ik vind dat ze te hard spelen - een typisch postkoloniale reactie van hun kant. ‘Niet te hard en niet te wild; daar houden ze niet van, die blanken.’

Mag het ook zonder trommels?
'Op een van de cd’s staat overigens wel een opname van een vrij zacht zingend koor. Toen ze vooraf zonder trommelsrepeteerden, was ik onder indruk van wat ik hoorde. Dus vroeg ik of ik dat zo mocht opnemen. De zangers gingen vlak bij elkaar staan om te zoeken naar de ‘stemmigheid’. In feite waren ze aan het arrangeren. Maar als ik zoiets wil opnemen, is iedereen verbaasd. ‘Zonder trommels? Hè?! Nou, vooruit dan maar.’ Maar toen ze achteraf via mijn koptelefoon de opname terug hoorden, knikte iedereen instemmend: ‘Very good. We are very good.’ De meeste Afrikaanse muzikanten zijn beter dan ze zich realiseren. Want van wie krijgen ze steun? Vanuit de eigen gemeenschap ja, het eigen dorp. Maar niet van hogerhand. Door de eigen overheid worden ze meestal juist misbruikt. Dan worden ze bijvoorbeeld opgetrommeld voor een VN-dag of een ander internationaal evenement, waarbij de betaling als regel bestaat uit gratis maaltijden.


Ku Lamba


Etiquette en de juiste volgorde
'Ik heb het nog helemaal niet gehad over krokodillen, malaria, zwarte magie en – vooral in Zimbabwe – paranoïde politieagenten. Ik ben in de regio geboren dus ik weet wel een beetje hoe de zweep klinkt. Het is belangrijk om de lokale etiquette te respecteren. Niet als een hufter naar binnen stormen, maar de dingen in de juiste volgorde doen. Dus eerst introduceer ik mezelf en leg uit wat ik kom doen. Dan vraag ik aan het dorpshoofd of die het goed vindt. Ik ben diverse malen bij belangrijke chiefs geweest om goedkeuring te vragen. En dan kniel ik neer voor zo’n man, want zo hoort dat. Meestal gaat alles daarna ineens op rolletjes. Chief Kandala organiseerde zelfs een middag speciaal voor mij. Hij werd helemaal enthousiast toen ik vertelde hoe belangrijk ik cultuur vind.

De nering en de tering
'Het kan overigens ook fout gaan. Het is me een paar keer overkomen dat ik een afspraak had gemaakt voor een opname de volgende dag. En toen ik terugkwam, was de muzikant in kwestie straal bezopen. Had ’ie al het geld dat hij bij mij nog moest gaan verdienen, van vrienden geleend en alvast uitgegeven. ‘Want ja, ik word een ster!’ Ik vertel zo iemand vervolgens dat hij niet serieus is en mijn tijd verspilt. Vaak is het dan de echtgenote die kwaad wordt en haar man begint te slaan.

De arrogantie van de Europeaan
'Iedereen van wie ik een opname maak, krijgt daarvoor betaald. Ik kan vooraf natuurlijk niet weten of die opname uiteindelijk op een cd belandt. Sterker nog: ik weet vaak niet eens of er wel een cd komt. De financiering blijft lastig voor een klein onafhankelijk label. Voorop staat voor mij dat muzikanten die ik opneem, mijn collega’s zijn en dat ik niet kom om ze uit te buiten. En omdat ik zelf een kind van kolonisten ben, moet ik ervoor uitkijken dat ik nooit gezien wordt als cultuurimperialist. Ik weet maar al te goed hoe erg het was in die tijd, met de arrogantie van de Europeaan jegens de Afrikanen.

Handje contantje
'Uitbetalen doe ik steevast contant. Voor wie geen bankrekening, e-mail of telefoonnummer heeft, zit er weinig anders op. En ik vind het eigenlijk ook heel prettig. Moeten we soms eerst gaan onderhandelen over een royalty-percentage? Dan geef ik liever handje contantje. Formeel gesproken is het een buy-out, een lump sum. Binnen is binnen. Maar als ik uitleg hoe het werkt en dat hun opname mogelijk op een cd terecht zal komen, is de reactie maar al te vaak: ‘So we’re going to be rich!’ En dan moet ik de verwachtingen meteen temperen en uitleggen dat het me meestal meer geld kost dan het opbrengt. Mijn eigen reiskosten reken ik daarbij natuurlijk mee. Het is voor mij weliswaar ook vakantie, maar dan wel een vakantie waarin keihard gewerkt wordt. Maar ik doe er iets nuttigs mee en als ik mooie muziek vind en er een goede opname van kan maken, dan word ik daar blij van.

Uitgelachen door de jeugd
'Het merendeel van de muzikanten die ik opneem, heeft er vaak geen idee van wat ik eigenlijk doe. Dan heb ik het over rurale muzikanten die echt diep in de bush leven. Zo voerde een tip me naar een oude man van dik in de tachtig, van wie men zei dat hij prachtig kon spelen op de mbira. Maar toen ik daar na een hele tocht aankwam, bleek hij zijn instrument te hebben uitgeleend en die ander had het vervolgens verpatst. Je zou denken: maak dan een nieuwe mbira om weer te kunnen musiceren, maar voor die oude man had het allemaal geen zin meer, omdat de jeugd hem toch alleen maar vierkant uitlachte met z’n ouderwetse muziek.

Don’t mess with the spirits
'Maar toen gaf een van de dorpelingen aan dat iemand in een naburig dorp nog wel zo’n instrument had. Dus ik ernaar toe, dwars door een moeras, en daar aangekomen bleek de man inderdaad een mbira te bezitten. ‘Die was van mijn overleden broer. Ik heb hem bewaard en als ik het binnen in mijn hut zie hangen, moet ik altijd weer aan hem denken.’ Nadat ik hem verteld had dat de geest van zijn broer vast héél blij zou zijn als die oude Chiyembele in het dorp verderop weer zou kunnen spelen, kreeg ik het instrument meteen in de hand gedrukt. Want weet je: don’t mess with the spirits! Dus uiteindelijk kon de oude man toch spelen en deed dat vervolgens ook tot de blaren op z'n handen stonden.


Chiyembele instrumental 


Vrienden voor het leven
'Bij een ander bezoek, aan een oude man met een kangombio lamellofoon (duimpiano), haalde die zijn instrument tevoorschijn en vertelde dat hij sinds zijn vrouw vijf jaar geleden overleden was, nooit meer had gespeeld. ‘Maar voor jou zal ik weer muziek maken.’ Toen ik hem vervolgens vertelde dat volgens mij de geest van zijn vrouw mij naar hem toegestuurd had, kon het niet meer stuk: Vrienden voor het leven.



Doorklinkende wortels
'Voor mij als drummer ging er een wereld open toen ik op een avond via de Belgische tv Kenny Clarke zag spelen. Dat was de eerste keer dat ik een jazzdrummer aan het werk zag. En ik dacht: ‘Verdomme, hoe flikt ’ie dat nou? Want Ginger Baker was meer zó (maakt woeste bewegingen in de lucht) en Kenny zat gewoon een beetje van zo (maakt losse bewegingen vanuit de pols). Toen ben ik door de jazz gebeten. En nadat ik rond mijn dertigste een eigen groep had gevormd, heette het opeens dat wij ‘Voodoo-Jazz’ speelden. Blijkbaar klonk mijn Afrikaanse verleden dus door in mijn muziek.

Vanuit de heupen naar beneden
'Het belangrijkste kenmerk van Afrikaanse muziek is het manipuleren van de tijd, van het ritme. Sommige maten zijn langer, andere juist korter. Speel je óp de tel of juist syncopisch? Het is een cascade van bewegingen. Er is echt helemaal niks primitiefs aan. Men heeft er vele eeuwen over gedaan om de tijd zo goed te kunnen manipuleren. De klassieke muziek uit India bijvoorbeeld is heel cerebrale muziek. Elke mogelijke mathematische onderverdeling van het ritme is precies uitgedokterd en heeft een eigen naam. Maar om het even minder politiek correct te zeggen: in Afrika wordt er vanaf de heupen naar beneden toe gedacht. Bij wijze van spreken dan!

Meer info:
SWP Records


Galimoto door Mufrika Edward (midden op de foto, naast Michael Baird), te vinden op het album Zam Groove

Zam Groove - Music from Zambia (vinyl)
Luangwa to Livingstone - Music from Zambia: Chikunda, Nsenga, Soli, Cewa, Tonga, Ila, Leya (4 cd's + boek)
Music from Barotseland - Recordings in Zambia's Western Province: Lozi, Mbunda, Nkoya, Luvale (4 cd's + boek)





meer nieuws
De nachtegaal van Teheran zal nooit meer zingen
vrijdag 9 oktober, 2020
Plus de Transglobal World Music Chart Top-40
donderdag 1 oktober, 2020
Latin-jazz bassiste overleden
maandag 14 september, 2020
donderdag 3 september, 2020
Plus de Transglobal World Music Chart Top-40
dinsdag 1 september, 2020
Na vijf jaar een verrassend tweede album
donderdag 20 augustus, 2020
Plus de Transglobal World Music Chart Top-40
zaterdag 1 augustus, 2020
Plus de Transglobal World Music Chart Top-40
woensdag 1 juli, 2020
Dankzij aanpassingen eindelijk weer live muziek
maandag 29 juni, 2020
Plus de Transglobal World Music Chart Top-40
dinsdag 2 juni, 2020