Damir Imamovic’s Sevdah Takht – Dvojka22 mei, 2016

Glitterbeat / Xango

Ongehinderd door voorkennis had ik deze cd ongetwijfeld geweldig gevonden. Het lot wil echter dat Damir’s titelloze album uit 2010 al jaren tot de dierbaarste schijfjes in mijn collectie behoort. Het is een plaat van ademstokkende schoonheid, waarop de jonge Imamovic, telg uit een roemrucht geslacht van Bosnische sevdahzangers, de voor dit genre onontbeerlijke hartstocht met onwaarschijnlijke precisie doseert – balancerend op het randje van de sentimentaliteit, maar nooit er overheen. Waar Damir zichzelf op die eerdere plaat uiterst spaarzaam begeleidde op gitaar, nemen op Dvojka percussie, viool en basgitaar het voortouw en zetten hem daarmee als zanger meteen op achterstand. In de studio valt daar nog wel wat aan te compenseren, maar bij de cd-presentatie in Rasa, eerder deze maand, werd pijnlijk duidelijk dat de instrumentatie de zanger geregeld in de weg zit, met name als het bij de expressie gaat om ingehouden smeulend vuur.
De spagaat waarin Imamovic zich bevindt, is het gevolg van zijn dubbele roeping. Niet alleen wil hij de traditie van zijn voorouders als trotse drager voortzetten, maar hij wil de sevdah ook vernieuwen zonder in de valkuilen van zinloos modernisme te verzanden. Hij richt de blik dan ook niet naar het Westen, maar juist oostwaarts, naar de Turkse wortels van de sevdah en nog verder, naar de klassieke zangtradities van Iran en India. Met de bezetting van zijn groep Sevdah Takht blijft hij zeker uit de buurt van stereotypen, maar hij maakt het zich er niet bepaald makkelijk mee. Violiste Ivana Duric staat weliswaar haar mannetje en percussionist Nenad Kovacic voegt met rake klappen trefzekere accenten toe, maar basgitarist Ivan Mihajlovic fungeert niet zelden als stoorzender.
Al deze factoren samen zorgen ervoor dat Imamovic op zijn nieuwe plaat iets meer aan de luchtige kant blijft dan voorheen en minder vaak de diepte in gaat, al zijn er zeker momenten waar kippenvel de overhand krijgt, zoals Uzdbrdo Je Mene Bole None. Maar zo hartversdheurend als in Dva Se Draga, het stuk dat hij in Rasa als toegift zong, wordt het helaas nergens. Eén voorbehoud moet ik hier wel maken, want zoals ik al aan het begin aangaf, heb ik vanwege mijn (niet geringe) vooroordeel de lat bij het luisteren extreem hoog gelegd. (Ton Maas)




«« terug naar overzicht