Gemengde gevoelens in de Amstelkerk Ton Maas - woensdag 27 juni, 2018

 istanbul

De voorlaatste avond van het festival Oriental Landscapes in de Amstelkerk had niet fraaier kunnen eindigen dan met het stuk Buhur van Kareem Roustom, een van de vier eigentijdse Syrische componisten van wie na de pauze werken werden uitgevoerd door New European Ensemble onder het motto ‘Oriental Time’. Helaas kwam iemand op het onzalige idee om, nadat het welverdiende applaus was uitgestorven, nog even spontaan ‘iets leuks’ met elkaar te doen. Dat liep uit op een vormloze groepsimprovisatie waaraan maar geen eind wilde komen. Onwillekeurig dwaalde de aandacht daarbij af naar de beelden die videokunstenaar Geert Mul er tegen aan gooide, van archeologische resten uit Palmyra die via ‘oogcontact’ in elkaar overvloeiden. Helaas riepen die vooral associaties op met Spielbergs ET en met een ander grijs verleden: dat van Erich von Däniken en zijn boek Waren de goden kosmonauten?
jam
Buyuk Oene
Teveel van het goede – daar lag het probleem, en dan met name in het eerste onderdeel en het (zojuist genoemde) allerlaatste. Want ook de muzikale ode aan Istanbul waarmee de avond was begonnen – een creatie van Oene van Geel – was met vijftig minuten veel te ruim bemeten. Aan het concept – uit het Turks vertaalde, eigentijds getoonzette gedichten waarin de stad figureert – lag het niet. Ook niet aan het verzamelde muzikale talent. Van Geel zelf en collega-altviolist George Dumitriu heersen feilloos over de snaren, contrabassist James Oesi rolt plukkend de fundering uit en draait z’n hand niet om voor een vlammende solo met de strijkstok, klarinettist Oguz Büyükberber vangt met zijn oren op wat zijn ogen niet kunnen zien en vertaalt dat blindelings in bevlogen improvisaties, percussionist en slagwerker Udo Demandt is niet alleen van alle markten thuis, maar wat hij uit zijn cajon weet te toveren, grenst aan het onmogelijke, en de manier waarop zangeres Sanem Kalfa haar lijfeigen instrument beheerst, valt nog het best te omschrijven als vocaal trapezewerk zonder vangnet.
Sanem James
George Sanem
Ook daar lag het dus niet aan, en de ode aan Istanbul kende ook beslist enerverende passages, fraai in elkaar hakend ensemblespel en momenten van grote schoonheid. Maar het was te veel en te lang om te blijven boeien. Alsof het een spontane inval betrof, kondigde Oene een stuk aan dat hij wilde spelen omdat hij dan Büyükberber nog een keer in het Turks een gedicht kon horen declameren. Blijkbaar was daarbij niet gedacht aan een microfoon – die lag ongebruikt op de grond naast Kalfa – zodat er van het gedicht vrijwel niets te horen was, laat staan te verstaan. Je zou haast gaan denken dat het echt een spontane actie betrof, hoewel alle musici precies leken te weten wat hen te doen stond.
James
Udo
Het tweede programmaonderdeel – Oriental Time door New European Ensemble en Geert Mul – bracht gelukkig meer structuur en houvast in de gedaante van vier stukken van de hand van Syrische componisten die sinds het uitbreken van de oorlog hun vaderland zijn ontvlucht en nu in Europa leven en werken. Ze waren niet allemaal even toegankelijk, zoals het nogal abstracte Glyptos 2 van Zaid Jabri, maar vooral de twee laatste composities, het al genoemde Buhur en daarvoor Oriental Miniature van Nouri Iskander, zorgden voor regelrechte kippenvelmomenten.
NEE


meer blogs
Ton Maas - 27 augustus, 2018
Ton Maas - 31 juli, 2018
Ton Maas - 30 juni, 2018
Jair Tchong - 24 juni, 2018
Ton Maas - 13 mei, 2018
Bram Posthumus - 6 mei, 2018
Ton Maas - 1 april, 2018
Ton Maas - 4 maart, 2018